Ga naar de inhoud

Van afval naar grondstof: de volgende stap in textiel 

De textielsector verduurzamen blijft een van de grootste opgaven voor de komende jaren. We willen graag werken aan textiel dat na gebruik niet als afval eindigt, maar opnieuw wordt gebruikt als grondstof. In de praktijk is het helaas nog lang niet zover.

Inmiddels wordt er behoorlijk veel textiel ingezameld. 20% daarvan wordt gerecycled. Toch belandt nog altijd een groot deel van het totale textielafval, ongeveer 50%, in de verbrandingsoven. Dat is zonde. Want in afgedankt textiel zitten waardevolle materialen die we opnieuw kunnen gebruiken. Op dit moment wordt nog maar ongeveer 1 procent van het afval echt circulair ingezet en gebruikt als grondstof voor nieuwe producten. Dat percentage moet fors omhoog. Innovatie speelt daarbij een belangrijke rol. We moeten nieuwe technieken ontwikkelen en ze vooral ook sneller in de praktijk brengen. Dat lukt niet wanneer iedereen alleen vanuit zijn eigen organisatie denkt. Bedrijven, overheden en kennisinstellingen zullen elkaar moeten vinden. Juist door kennis, ervaring en investeringen te bundelen, kunnen we stappen zetten.

Daarom vind ik het hoopgevend dat het Franse bedrijf Reju volgend jaar een industriële recyclingfabriek opent op Chemelot in Geleen. Het bedrijf richt zich op het terugwinnen van grondstoffen uit textiel en zoekt daarbij bewust het ecosysteem van Chemelot op. Dat biedt kansen om samen te werken aan innovatieve oplossingen voor de toekomst. Ook de betrokkenheid van het ministerie van Klimaat en Groene Groei om het bedrijf hier naartoe te halen laat zien dat publiek-private samenwerking belangrijk is om dit soort ontwikkelingen van de grond te krijgen.

Dit is een goed voorbeeld van de beweging die we nodig hebben. Niet wachten tot de techniek vanzelf beter wordt, maar samen investeren in oplossingen die ook op grote schaal kunnen werken.

Natuurlijk zijn we er nog lang niet. Eén fabriek maakt de textielsector niet ineens circulair. Maar iedere innovatie, iedere samenwerking en iedere nieuwe techniek brengen ons een stap verder. Ook Nederlandse ontwikkelingen verdienen een opschaling, zoals SaXcell in Enschede.

Zo komen we iedere keer een stapje dichter bij het doel: een textielsector waarin materialen zo lang mogelijk waarde behouden en zo min mogelijk verloren gaan. Dat is geen eenvoudige opgave. Maar als bedrijven, overheid en kennisinstellingen samen de schouders eronder zetten, kunnen we het verschil maken…

Sylvia Roelofs 
Voorzitter Modint  

Lees meer blogs

Europese vennootschap en belastingen

Sylvia Roelofs

Modint is lid van VNO-NCW en als voorzitter van Modint zit ik in het Dagelijks Bestuur van VNO-NCW. In deze ondernemerskoepel worden onze belangen behartigd op onderwerpen die niet alleen voor onze sector, maar voor het hele Nederlandse bedrijfsleven van belang zijn.

Exporteren zonder financial waste

Redactie Modint

De Europese markt biedt volop kansen voor Nederlandse mode-, textiel-, tapijt- en schoenenbedrijven. Dankzij het vrije verkeer van goederen is exporteren binnen de Europese Unie relatief eenvoudig. Toch brengt internationaal zakendoen ook risico’s met zich mee. Denk aan betalingsachterstanden,...

Strategische positie textiel

Sylvia Roelofs

Onlangs heb ik in Brussel gesproken over de strategische positie van textiel. Meerdere landen benadrukken dat textiel niet alleen moet worden gezien als belangrijk voor consumenten. Textiel is een “enabling technology”, maakt de dingen in andere sectoren mogelijk. Denk aan defensie, luchtvaart, zorg,...